‘’ VERDWAALD ‘’

‘’ VERDWAALD ‘’

De maandelijkse column van Tami.

Het was mooi weer en ik had zin om te fietsen. En er was nog tijd over, zo aan het begin van de middag. Van het Wagnerplein naar de Westermarkt is weliswaar niet zo ver, maar omdat ik altijd verdwaal kost het toch al gauw een paar uur. Ik heb een bizar slechte oriëntatie en doordat ik altijd de weg kwijt raak, kan ik dus ook niet de goede weg onthouden.

Want als ik tenslotte aankom waar ik moet zijn, heb ik door de vele omzwervingen niet duidelijk hoe ik er uiteindelijk gekomen ben.

Soms helpt het om me met de computer voor te bereiden via Google Maps, Streetview en Routeplanner. De route uit te stippelen, op te schrijven met herkenningspunten, of een dag vóór de afspraak alvast de weg te verkennen. Ook mag ik mijn mobieltje niet vergeten om in geval van nood mijn afspraak onderweg te bellen voor aanwijzingen.

Maar voor zo’n stukje naar de Westermarkt, dat moet ik na al die jaren toch wel kennen? Omdat ik op weg naar de Westermarkt langs twee rotondes moet, besluit ik vandaag een andere weg te proberen. Rotondes brengen me altijd in de war: wat is rechtsaf bij de rotonde, als je eenmaal in de cirkel zit? Elke afslag is dan rechtsaf!

Dus om de rotondes te vermijden neem ik een andere weg, en verdwaal natuurlijk. Dat is niet erg, het was toch de bedoeling om wat lichaamsbeweging te hebben. En overal hangen vlaggen, is er een verjaardag van het koningshuis? Tot ik er een schooltas bij zie hangen.

Maar na een uur fietsen wordt het toch lastig; ik krijg dorst van de warmte en moet dringend naar de wc. Misschien moet ik toch iemand de weg vragen. Dat gaat moeilijk; behalve het langsrijdend verkeer is er niemand op straat. Ik peddel maar voort op mijn driewieler, gelukkig schijnt de zon.

Na een poos zie ik in de verte een meisje op een tuinmuurtje zitten met een tas aan haar voeten. Dat is een mogelijkheid, ik fiets ernaartoe. Maar juist als ik dicht genoeg ben gekomen, buigt ze zich voorover en steunt met haar gezicht in haar handen, als in wanhoop. Misschien niet geslaagd voor haar examen? Dit lijkt me niet het moment om haar te storen, dus fiets ik verder.

Ergens bij een groot gebouw is er net een bijeenkomst afgelopen, ik zie veel ouderen in auto’s stappen, maar ze zijn te druk met elkaar om ertussen te komen. Gelukkig staat er ook een vrouw onder een boom te wachten op haar lift. Ik vraag haar de weg. Ze wijst mij aan welke kant ik op moet, er zal een rotonde aan te pas komen. Vriendelijk geeft ze me nog een klopje op mijn schouder, het moet lukken. Ik ga op weg. De Westermarkt is nu niet ver meer.

Maar op de rotonde gaat het mis: elk van de vier wegen lijkt me bekend en niet ten onrechte, ik ben ze vast allemaal al eens ingeslagen. Al is er maar één de goede.
Alweer verdwaald, inmiddels al anderhalf uur op weg naar de Westermarkt, besluit ik dat het misschien beter is richting Tweestedenziekenhuis te gaan. Daar kan ik naar de WC, en dan maar naar huis.

Alles ziet er anders uit als seizoenen veranderen. In de winter is het langs de weg kaal en zijn huizen goed zichtbaar, de herfst bedekt alles met een gele bladerdeken, en in de zomer zijn mijn herkenningspunten verborgen achter dicht groen gebladerte van struiken en bomen. ’s Avonds fietsen is helemaal een ramp, dan zie ik in het donker geen herkenningspunten meer en zijn straatnamen onleesbaar.

Maar wacht eens, nu herken ik de buurt. Ik ben vlakbij de Duynsberg, dan moet ik rechtdoor over de rotonde. Dat gaat lukken! Voor de zoveelste keer fiets ik over de rotonde, maar eindelijk heb ik de goede weg.

Op de Westermarkt vind ik dat ik wel een traktatie heb verdiend en na mijn gang naar de supermarkt, zoek ik bij de bakkerij iets lekkers uit voor de thuisblijvers. Ik krijg van de aardige verkoopster een koekje. Dat is even twijfelen; ik heb dorst, en dan die droge koekkruimels erbovenop. Maar ik kan het gebaar niet afslaan en bovendien is het een erg lekker koekje. Ik kan het nergens wegstoppen, dus moet het maar gelijk op. Met een volle mond sta ik even later bij de kippenboer en wijs aan wat ik wil hebben. ‘Die, en die’, meer kan ik niet uitbrengen tot mijn amandelkoekje op is.

En dan met mijn boodschappen terug naar huis. Op de terugweg verdwaal ik tegenwoordig niet meer. Dus wie weet, oefening baart kunst.


Tami

De foto is van snelslagen.nl.

0 Reacties

Uw reactie: