‘’ BAZAAR ‘’

‘’ BAZAAR ‘’

De maandelijkse column van Tami.

Het is bijna veertien jaar geleden dat ik er voor het laatst ging winkelen, maar recent is de grote supermarkt op het Verdiplein vernieuwd en ik besloot er eens een kijkje te gaan nemen.

De winkel bleek wat ovezichtelijker ingedeeld met nieuwe schappen, maar was verder weinig veranderd. Ik koos enige lekkere dingen uit en ging ermee naar de kassa. Het was niet druk, ik was de tweede in de rij.
De bejaarde Hollandse vrouw voor mij was aan de beurt, de Somalische of  Surinaamse kassajuffrouw kende haar en begon een praatje te maken. Er kwam een Turkse medewerkster langs gelopen. De kassajuf zwaaide opgetogen naar haar, de collega voegde zich erbij en nu maakten de drie dames samen op hun gemak een praatje.


Bejaarden hebben recht op geduld, maar de winkelmedewerkers zouden toch hun klantvriendelijkheid wat beter kunnen spreiden. Verschillende keren dacht ik al aan de beurt te zijn, de boodschappen van de oude dame waren zo langzamerhand allemaal ingepakt, de rolband was leeg.
Maar toen ik mijn waren naar voren schoof en vroeg of ik kon pinnen bleek de bejaarde klant nog niet betaald te hebben. De kassajuf verklaarde dat pinnen mogelijk was en richtte zich dan weer babbelend tot haar collega en de oude vrouw.


Ik keek naar de kassa ernaast, daar zat een jongen werkeloos te wachten op klanten. De kassajuf probeerde ook hem bij het gesprek te betrekken, wat lastig ging omdat hij met zijn rug naar haar toe zat. Ik zou terug om de lange rolband kunnen lopen om me bij hem te voegen, maar voor ik hem bereikt zou hebben, kon er al een andere klant daar aangeschoven zijn. En ik kon nu toch elk moment aan de beurt komen, dus omlopen leek weinig zin te hebben.
Ik begon me te herinneren waarom ik veertien jaar geleden was gestopt hier inkopen te doen. Er waren destijds ellenlange rijen voor de kassa’s, het kostte me veel te veel tijd. Nu waren er geen rijen meer, maar toch bleef het lang wachten.


De oude vrouw had ten langen leste een portemonnee tevoorschijn gehaald, maar de kassajuf was nog niet uitgepraat. Eindelijk vond de betaling plaats en schuifelde de oude weg. Ik haalde verlicht adem, nu was ik aan de beurt.
‘Vindt u het goed als ik eerst mijn collega help?’ vroeg de kassajuf en ze wees naar haar Turkse collega die met broodje en cola naast haar stond. Ik was stomverbaasd. Na dat lange wachten had ze mij net zo goed eerst kunnen helpen alvorens de collega te bedienen, er stond tenslotte geen rij achter mij en de collega had eerder ook geen blijk van haast gegeven.


De kassajuf wachtte mijn goedkeuring niet af, maar hielp haar collega. De collega die mijn ontsteltenis had gezien, wierp mij een vuile blik toe. Ik keek naar de naaste kassa, maar daar had zich inmiddels een rij gevormd.
Tenslotte was ik werkelijk aan de beurt. Ik rekende af en de kassajuf wenste mij een fijne dag. Ze maakte geen oogcontact meer en er klonk lichte spot door in haar stem. Ik begon het door te krijgen.


Deze supermarkt was een winkel voor klanten die graag rondhingen en prijs stelden op een uitgebreide babbel. Ik was degene die hier niet op zijn plaats was.
Het was alsof de winkel een markt was in de open lucht, waar de klanten langs slenterden, een bazaar, waar je voor kletspraat evengoed kwam als voor goederen. Het leek zelfs voor het hele Verdiplein te gelden. Meer gemoedelijk, maar tegelijk ook minder levendig dan het nabije Wagnerplein.


Ik verbaasde me over het verschil in cultuur tussen de twee winkelcentra, die nauwelijks anderhalve kilometer van elkaar lagen. Het zou gezellig kunnen zijn, je moest alleen niets beters te doen hebben. Zucht.


Tami

Foto is van Beeld Werkt.

0 Reacties

Uw reactie: